Wanneer moet een paard een deken op? Temperatuurrichtlijnen voor ruiters
Een koude rilling over je rug, je paard dat met de staart zwaait en onrustig heen en weer loopt in de stal: het is herfst.
De temperaturen dalen en jij vraagt je af: “Moet hij nu al een deken op?” Het antwoord is niet zomaar ja of nee. Het hangt af van zoveel meer dan alleen de graden op je thermometer. Je wilt je paard comfortabel houden, maar ook voorkomen dat hij het te warm krijgt en gaat zweten.
Dat is namelijk nog kouder dan geen deken. In deze gids lees je precets hoe je de juiste keuze maakt, op basis van temperaturen, maar vooral op basis van je paard zelf.
De basis: het verhaal achter de vacht
Voordat je een deken uit de kast trekt, is het goed om te begrijpen hoe een paard werkt.
Paarden zijn van nature gemaakt voor de kou. Hun vacht is een meesterwerk van isolatie.
In de zomer verliezen ze de winterjas en in de herfst begint de vacht te groeien. Dit proces wordt gestuurd door de hoeveelheid daglicht. Een paard dat buiten staat, groeit een dikkere vacht dan een paard dat de hele dag in een donkere stal staat. Een gezond paard met een normale vacht kan prima tegen een temperatuur die voor ons ijzig aanvoelt.
Zij hebben geen last van de koude lucht, maar wel van vocht en wind.
Een natte vacht verliest tot 90% van zijn isolerende werking. Daarom is de combinatie van temperatuur, wind en regen cruciaal. Een paard dat in een tochtige stal staat, heeft veel sneller kou dan een paard dat beschut staat.
Denk ook aan de energie die een paard moet verbranden om warm te blijven. Een paard dat op rust staat en voldoende ruwvoer (hooi) krijgt, produceert warmte door de vertering.
Dat is de interne kachel. Als je paard te weinig voer krijgt, moet hij energie uit zijn eigen lichaam halen om warm te blijven.
Dat leidt tot gewichtsverlies. Dus, voordat je een deken oplegt, check of hij genoeg te eten heeft.
Het kwikmeter: wanneer is het écht koud?
Er bestaan vuistregels, maar die zijn niet in steen gebeiteld. Ze helpen je als leidraad.
Je kijkt naar het type paard, de vacht en de activiteit. Laten we de temperatuurrichtlijnen per situatie bekijken. Paarden met een normale tot dikke vacht op rust:
Deze groep heeft over het algemeen geen deken nodig tot het onder de 5 graden Celsius komt. Zolang ze droog staan en uit de wind zijn, regelen ze het zelf. Een paard met een geschoren zomervacht heeft natuurlijk wel sneller hulp nodig. Paarden met geschoren vacht of weinig vacht:
Hier begint de grens al bij ongeveer 10 tot 15 graden.
Zodra het kwik onder de 10 graden zakt, is een deken vaak nodig. Vooral als ze stil staan, bijvoorbeeld op de wei of in een koude stapmolen. De combinatie van kou en regen:
Als het regent en het is 5 graden, voelt het aan als 0 graden door de verkoelende werking van water.
Een waterdichte deken is hier essentieel. Een regenjas voor je paard.
Voorkom dat de vacht doorweekt raakt. Een nat paard dat stil staat, koelt extreem snel af. Voor geschoren paarden biedt de WeatherBeeta ComFiTec Ultra Cozi optimale bescherming. Sportpaarden na het werk:
Een paard dat flink gewerkt heeft, is warm en gezweet. Zodra je stopt, koelt het paard af.
Als je paard nat is, leg je hem een zweetdeken op. Dit is een ademende deken die het vocht opneemt.
Een regendeken op een nat paard is funest; het water kan er niet uit. Pas als hij droog is, wissel je naar een isolerende staldeken.
De persoonlijke check: voelen in plaats van kijken
Thermometers liegen soms. Weet jij de beste manier om een paard te temperaturen? Jouw paard is namelijk de beste graadmeter.
Leer de signalen herkennen. Een paard dat kou heeft, zet de staart strak tussen de benen, staat met vier benen dicht bij elkaar (zoals een standbeeld) en trilt soms licht.
Ook kunnen de oren koud aanvoelen. Dit zijn tekenen dat het écht te koud is. De oren-check is een klassieker.
Ze mogen best fris zijn, maar niet ijskoud. De hoeven mogen ook niet koud aanvoelen.
Als je twijfelt, leg dan even je hand vlak achter de schoft. Voelt dit koud aan? Dan is je paard het kwijt. Je paard voelen is belangrijker dan de thermometer aflezen.
Een andere handige plek om te checken is de neus. Een paard dat het koud heeft, heeft vaak een koude neus.
Als je paard ligt te slapen en opkrabbelt bij je komst, en hij trilt even, dan is dat normaal na het liggen. Blijft hij trillen? Dan is het tijd voor een deken. Let ook op gedrag.
Een paard dat onrustig is, misschien wat hoest of verkouden lijkt, heeft vaak behoefte aan extra warmte. Een verkoudheid is vervelend en een deken kan helpen om het lichaam te ondersteunen; raadpleeg onze dekenwijzer voor de juiste vulling. Zorg wel dat de stal goed geventileerd is, want vochtige lucht bevordert luchtwegproblemen.
De juiste deken kiezen: materialen en prijzen
De markt voor paardendekens is enorm. Van simpele regendekens tot geavanceerde thermoregulatie dekens.
Hier een overzicht van de meest voorkomende types, specifiek voor de Nederlandse markt. Bij de aanschaf let je op de maat. Meet vanaf het midden van de borst (net achter de voorbenen) tot aan de bilnaad. Een maat 145 is voor een pony, een 165 is voor een gemiddeld paard.
- Regendeken (Turnout sheet): Dit is een lichte, waterdichte deken (meestal 0 gram vulling). Ideaal voor de herfst waarbij het regent maar nog niet extreem koud is. Prijsindicatie: €60 - €120. Merken als Bucas of HKM hebben goede opties.
- Staldeken (Stable blanket): Een isolerende deken voor binnen, niet waterdicht. Vaak met vulling van 100 tot 300 gram. Prijsindicatie: €70 - €150.
- Outdoor deken met vulling (Turnout rug): Waterdicht en geïsoleerd. De vulling varieert van 50 gram (voor koude zomers) tot 400 gram (extreem koud). Prijsindicatie: €120 - €300. Een Bucas Smartex of Rambo Optimo is hier een topper.
- Zweetdeken: Gemaakt van materiaal dat vocht opneemt, vaak wol of synthetisch fleece. Geen waterdichte functie. Prijsindicatie: €50 - €100.
Let op: een te kleine deken schuurt op de schoft. Een te grote deken waait vol met wind en water.
Controleer de sluiting bij de voorbenen; die moet comfortabel zitten en niet knellen.
Let bij de aanschaf op de kwaliteit van de klittenband. Goedkoop is vaak duurkoop. Slechte klittenband pluist snel en verliest zijn grip.
Ook de staartflap is handig tegen wind en regen in de staart. Voor de extreme kou zijn er dekens met halsstukken te koop, apart of als combo. Die houden de nek warm, wat helpt tegen verkoudheid.
Praktische tips voor dagelijks gebruik
Om het je paard zo comfortabel mogelijk te maken, volgen hier een paar concrete tips die je direct kunt toepassen. Het draait allemaal om routine en observatie.
Als je twijfelt, doe dan de 'hand-test'. Leg je hand plat op de bil of schouder van je paard.
- Controleer dagelijks onder de deken: Haal de deken er elke dag even af. Controleer op schuurplekken, vooral op de schoft en bij de voorbenen. Gebruik eventueel een spray of pleister ter bescherming.
- Wissel op tijd van zweetdeken naar staldeken: Is je paard na het rijden droog? Vergeet dan niet de zweetdeken te verwisselen voor een warme staldeken. Een natte deken geeft geen warmte.
- Let op het gewicht: Een te warm paard verliest energie door te zweten. Zorg dat hij voldoende hooi (ruwvoer) heeft. Een emmer brok is geen vervanging voor hooi. Hooi zorgt voor warmte van binnenuit.
- Gebruik de juiste deken voor het juiste moment: Een 400 grams deken bij 10 graden is te warm. Je paard gaat zweten en de vacht kan schuiven. Begin met een lichte deken en bouw op.
- Check de staart: Als je een deken met staartflap gebruikt, zorg dan dat de staart los kan. Zit er te veel spanning op? Dan kan dit blessures geven.
Voelt het koud aan? Dan mag de deken op. Voelt het warm en klam aan?
Laat hem dan nog even zonder. Je paard vertelt je wat hij nodig heeft, je moet alleen leren luisteren. Met deze richtlijnen en je gezonde verstand kom je de winter wel door!