Stappenplan voor het aanleren van de Spaanse pas aan de hand

A
Annemiek van Dijk
Ruiter & Paardenverzorgingsspecialist
Training, Dressuur & Rijlessen · 2026-02-15 · 8 min leestijd

De Spaanse pas. Dat klinkt als de ultieme elegantie, hè?

Alsof je paard op de maat van een flamenco danst. En eerlijk is eerlijk, als dressuurruiter smelt je wel als je dat ziet.

Maar hoe begin je daarmee? Je kunt niet zomaar even een pasje oefenen. De Spaanse pas is een supergeavanceerde oefening die vraagt om een paard in perfecte balans, supersterke achterhand en bovenal: vertrouwen in jou.

Het is de kers op de taart, niet het begin van het bakje. In deze guide neem ik je stap voor stap mee, maar wel met de waarschuwing: haastige spoed is zelden goed. We bouwen het rustig op, van de basis tot dat eerste magische moment.

De basis: wat moet er echt op orde zijn?

Voordat je ook maar een stap naar voren zet, moet je even heel eerlijk naar je paard kijken.

Is hij echt klaar voor dit? We hebben het over een paard dat al een tijdje op dressuur niveau B of L1/L2 loopt. Hij moet soepel zijn in zijn lijf, met name de achterhand moet sterk en los zijn.

Denk aan een paard dat al een goede schouderbuitenzet en een nette travers kan. Zonder die kracht en souplesse wordt het niks.

Je paard moet ook echt vertrouwen in je hebben, want dit voelt voor hem kwetsbaar.

Zorg dat je materiaal op orde is. Je hebt een goede, zachte longeerkabel nodig van ongeveer 10 meter (€25-€40), een longeersingel die goed past en stevig is (€50-€80), en een bit dat comfortabel ligt. Een side-rein is soms handig voor de ondersteuning, maar dat is een optie. Belangrijkste ben jij zelf.

Je moet super consistent zijn in je hulpen. Als je paard twijfelt, moet jij duidelijk zijn.

Stap 1: De juiste houding en de basis van de voorwaartse beweging

Je hebt ook geduld nodig. Echt. Zet een tijdsindicatie in je agenda: reken de eerste weken op kleine stapjes van 10-15 minuten per keer. Niet langer. De focus is belangrijker dan de duur.

We beginnen op de grond, aan de longe. De Spaanse pas is een stap die naar voren gaat, dus dat is onze start.

Je paard moet eerst super makkelijk en actief voorwaarts stappen op de cirkel. Ga zelf in het midden staan, met je linkerschouder naar het bit van je paard. Je longeerlijn is in je linkerhand, je zweep (of een extra longeerknots) in je rechterhand.

Je paard loopt in stap. De omtrek van de cirkel is belangrijk; begin met een flinke cirkel van ongeveer 15 meter doorsnee.

Zo heeft hij ruimte om zijn benen te zetten. Jouw taak is nu om hem actief voorwaarts te sturen. Gebruik je stem of een tikje met de zweep op de schouder als hij lui wordt.

Het doel is een energieke, regelmatige stap. Voel je hoe hij vanuit je handen voorwaarts wil?

Stap 2: De overgang: van stap naar 'achteruit stappen'

Dat is wat we nodig hebben. Zonder deze actieve voorwaartse drang is de Spaanse pas onmogelijk.

Oefen dit een week of twee tot het een tweede natuur is. Hij moet aanvoelen dat voorwaarts = goed. Dit is de magie. De Spaanse pas is in wezen een stap waarbij de voorhand een stap doet, en de achterhand een klein stapje doet.

De eerste oefening is dus niet naar voren, maar stilzetten en voorbereiden op de achterwaartse beweging. Drijf je paard actief voorwaarts en maak dan opeens een hele duidelijke, strenge hulp om stil te staan.

Je gebruikt je stem ('Ho!'), je lichaam en de longe. Het moment dat hij stilstaat, geef je direct de hulp voor 'achteruit'. De hulp voor achteruit is essentieel.

Je gebruikt je zweep op de borst (niet hard, maar drukkend) en je stem ('Terug!').

Je paard moet een stapje achterwaarts maken. Beloon dit meteen met je stem ('Braaf!') en laat hem weer een stapje voorwaarts stappen. Wissel dit af: voorwaarts, stilzetten, een stapje achteruit, weer voorwaarts.

Stap 3: De 'schouder-buitenzet' combineren met de achterwaartse hulp

Doe dit een minuut of 5 per training. Het doel is dat je paard leert dat 'terug' betekent dat hij even moet nadenken en een stapje achterwaarts zet.

Dit is de basis voor het 'schuiven' met zijn achterbenen. Nu gaan we combineren. We willen dat de voorhand naar voren gaat en de achterhand een beetje onder het lijf blijft of een klein stapje achterwaarts doet.

Dit is tricky, dus we doen het heel klein. Begin weer met de actieve stap op de cirkel.

Nu ga je de schouder van je paard een beetje naar buiten zetten (naar de cirkelrand toe).

Dit doe je met de longe en je lichaam. Op het moment dat de schouder naar buiten gaat, geef je tegelijkertijd de hulp voor achteruit (druk op de borst met de zweep). De bedoeling is dat de voorhand een klein stapje naar voren-zijwaarts gaat, en de achterhand een klein stapje achterwaarts of op de plaats blijft. Dit is het begin van de pas.

Het is vaak maar een paar centimeter. Beloon dit meteen! Stop de oefening, laat hem weer normaal stappen.

Stap 4: De pas verlengen: van centimeters naar een echte 'tred'

Herhaal dit 5 tot 8 keer per training. Het gaat om de intentie, niet om de perfectie. Als het bovenstaande een beetje lukt, gaan we de stap verlengen.

Dit is het moment dat je paard echt leert om de achterbenen te verplaatsen, een techniek die ook essentieel is wanneer je de piaffe via werk aan de hand gaat trainen.

Je blijft op de cirkel werken. Je paard moet nu de actie langer vasthouden. Je stimuleert dit door een constante druk te houden met de longe en je stem actief te gebruiken ('Voorwaarts! Pas op!').

De zweep geeft nu een lichte, ritmische tik op de borst of schouder om de beweging te activeren.

Je paard zal nu een serie kleine pasjes maken die lijken op de Spaanse pas. De achterbenen blijven wat langer op de grond en schuiven een beetje zijwaarts. Let op: de voorbenen moeten actief blijven! Geen doodstil staan.

Het is een levendige, ritmische beweging. Blijf dit oefenen in sets van 30 seconden tot 1 minuut.

Stap 5: Van de cirkel af: de Spaanse pas in de rechte lijn

Rust tussendoor uit in een normale stap of draaf. Je paard moet wennen aan de spierspanning die dit vraagt.

Als het op de cirkel redelijk lukt, ga je het proberen in de rechte lijn. Dit is vaak moeilijker omdat je paard nu niet meer wordt geholpen door de buiging van de cirkel. Ga op de lange zijde van de bak staan. Je paard loopt in stap, parallel aan de lange muur. Je staat ernaast.

Herhaal dezelfde oefening als in stap 4. Drijf voorwaarts, zet de schouder licht naar buiten (bijvoorbeeld een paard dat linksom loopt, zet je de linkerschouder iets naar links) en geef tegelijk de hulp voor achteruit. Deze coördinatie is ook essentieel bij het rijden van een vloeiende keertwending.

Dit is nu echt een kwestie van timing. Het paard moet de voorwaartse drang behouden, maar tegelijkertijd de achterhand verplaatsen. Wees tevreden met een paar goede stappen.

Als je paard hier moeite mee heeft, ga dan even terug naar stap 4 op de cirkel.

Bouw het langzaam op tot je een nette reeks pasjes hebt van ongeveer 5 tot 10 meter.

Veelgemaakte fouten (en hoe je ze oplost)

Een valkuip nummer 1: je paard gaat achterwaarts in plaats van schuinen. Dit gebeurt als je te hard drukt met de zweep of de hulp te laat geeft. De oplossing is om de hulp voor 'achteruit' minder streng te maken.

Geef hem net op het moment dat hij een stapje naar voren-zijwaarts zet.

De timing is alles. Fout 2: je paard gaat op de voorhand hangen, wat vaak te maken heeft met de aanleuning en de keuze van het dressuurbit.

Dit is een teken dat de achterhand niet sterk genoeg is of dat de voorwaartse drang niet actief genoeg is. Ga terug naar stap 1. Werk aan de actieve stap en de kracht van de achterhand met andere oefeningen, zoals diepe stap of cavaletti-werk.

De Spaanse pas is een oefening voor een paard dat al sterk is.

Fout 3: Het paard raakt gefrustreerd of gestrest. Dit is een teken dat jij teveel vraagt of te onduidelijk bent. Stop meteen. Ga iets anders doen wat hij goed kan, zoals een simpele wending of een overgang. Eindig altijd positief. Een korte, goede training is beter dan een lange, slechte.

Onthoud dat dit een oefening is die tijd kost. Soms wel maanden tot een jaar voor het echt netjes is.

Verificatie-checklist: Is het gelukt?

Als je aan het einde van een training staat, check dan even objectief wat je hebt bereikt.

Dit voorkomt teleurstelling en helpt je om de volgende stap te bepalen. Vink ze mentaal af. Als je overwegend 'ja' en 'soepel' hebt, ben je op de goede weg.

Bouw het de volgende training langzaam op. De Spaanse pas is een reis, geen bestemming.

Geniet van elk klein stapje vooruit. Je paard doet zijn best, en jij leert hem iets fantastisch.

Dat verdient een klappie op de schouder en een lekkere wortel na afloop. Misschien zelfs een speciale beloning als een Pavo Slobber of een likje Equi-Linx vanuit de hand. Succes!

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Training, Dressuur & Rijlessen
Ga naar overzicht →
A
Over Annemiek van Dijk

Annemiek is professioneel ruiter en paardenverzorgingsspecialist met 18 jaar ervaring. Ze heeft op meerdere maneges gewerkt en adviseert over voeding, training, uitrusting en stalling.

Op de hoogte blijven?
Ontvang praktische tips en reviews. Geen spam.
Geen spam. Je gegevens worden niet gedeeld.