Hoe kies je de juiste maat winterdeken: 145/195 of 155/205 meten
Een koude rilling loopt over je rug als je 's ochtends de stal inloopt en de temperatuur flink is gedaald. Je paard staat er wat grauw bij.
Tijd voor een winterdeken. Je staat in de winkel of online en ziet twee veelvoorkomende maten: 145/195 en 155/205.
Welke moet je hebben? Het is een kleine moeite om het verkeerd te meten, maar een groot probleem voor je paard. Een te krap deken schuurt, een te los deken waait open en een verkeerd verdeelde druk kan zelfs wonden geven. Geen paniek.
Met deze handleiding meet je in een half uurtje precies de juiste maat. Je paard zal je dankbaar zijn.
Wat je nodig hebt voordat je begint
Voordat je met een meetlint in de weer gaat, zorg je dat je de juiste spullen bij de hand hebt.
Je paard staat het beste rustig op een plek waar je goed om hem heen kunt. Een stal of een poetsplaats met voldoende licht is ideaal. Je wilt geen onnodige bewegingen maken tijdens het meten.
Wat je precies nodig hebt? Allereerst een soepel meetlint.
Geen ijzeren bouwlint, dat is te stug en geeft een vertekening. Een flexibel kleermakerslint of een speciaal paardenmeetlint is perfect.
Daarnaast een pen en papier of je telefoon om de maten te noteren. Vergeet niet je paard op een harde ondergrond te zetten, zodat hij niet wegzakt en je een onbetrouwbare maat krijgt. Zorg dat je paard schoon en droog is. Een vieze vacht met modder kan ook de meting beïnvloeden.
En tot slot: neem de tijd. Zet je paard even rustig vast en geef hem een likje of een stukje wortel.
Een ontspannen paard is een stuk makkelijker te meten dan een nerveus paard dat voortdurend beweegt. Reken op een kwartier tot twintig minuten voor de hele operatie.
Stap 1: De schoftmaat (de allerbelangrijkste)
De schoftmaat is de basis voor bijna alle dekens. Dit is de afstand vanaf de voorkant van de borst, over de schoft (het hoogste punt van de schouders), tot aan de staartbasis.
De meeste dekens gebruiken deze maat als hoofdmaat. De getallen die je ziet, zoals 145 of 155, verwijzen direct naar deze meting in centimeters.
- Zet je paard recht: Zorg dat je paard vierkant staat, met alle benen recht onder het lichaam. De staart moet normaal hangen, niet omhooggetrokken.
- Vind de juiste punten: Zoek met je hand de voorkant van de borstbeen (net achter de voorbenen). De staartbasis is het botje bovenaan de staart. De schoft voel je als het hoge bot tussen de oren.
- Meet: Leg het meetlint losjes van de borst, over de schoft, naar de staartbasis. Trek het lint niet strak! Je wilt de natuurlijke boog van het paard volgen. Een winterdeken moet wat ruimer zitten dan een zomerdekentje.
- Controleer: Laat het lint een paar keer vallen en meet opnieuw. Doe dit twee of drie keer om zeker te zijn van een betrouwbare gemiddelde.
Veelgemaakte fout: Veel ruiters meten te strak. Alsof ze een taille opmeten bij een mens. Doe dit niet. Een deken moet over de schoft kunnen glijden zonder te knellen.
Twijfel je tussen twee maten? Kies dan de grootste, tenzij je paard een erg smalle bouw heeft. De extra breedte kun je altijd nog met de klittenbandsluitingen aanpassen.
Stap 2: De borstomvang (voor de juiste sluiting)
De borstomvang is cruciaal voor het comfort. Als deze te strak zit, gaat je paard jeuken en schuren.
Als hij te los zit, waait het deken open en koude lucht komt onder het deken.
- Leg het lint aan: Leg het meetlint om het paard heen, net achter de voorbenen. Dit is het dikste deel van de borstkas.
- Let op de vacht: Zorg dat het lint over de vacht heen ligt, niet ertegen. Je wilt de werkelijke grootte van het lichaam meten, inclusief de vacht die erbij komt.
- Lees de maat af: Zorg dat het lint waterpas hangt. Trek het niet strak. Je moet er nog net een vinger tussen kunnen steken. Noteer deze maat.
De meeste dekens sluiten onder de buik. Je meet de grootste omtrek net achter de voorbenen. Specifieke tip: Vooral bij paarden met een forse borstpartij (denk aan zwaardere rassen of paarden die veel spiermassa hebben opgebouwd) is deze meting essentieel. Bekijk ook de temperatuurrichtlijnen voor het opdoen van dekens. Een standaard deken in maat 145 kan qua lengte goed zijn, maar de borstsluiting dan te smal. Kies dan voor een model met extra brede buikflappen of een speciale 'extra fit' uitvoering.
Stap 3: De buikomvang (de 'bom')
Dit is de maat die bepaalt of het deken goed onder de buik sluit.
De meeste dekens hebben verstelbare klittenbandsluitingen. Toch is het handig om te weten wat de maximale omvang is. Je meet het dikste deel van de buik, net achter de ellebogen.
- Zoek het dikste punt: Dit is meestal het punt waar de buik het meest uitzakt, net achter de voorbenen.
- Meet de omtrek: Leg het lint om het lichaam heen. Houd het net iets losser dan bij de borst, want de buik kan uitzetten na een maaltijd.
- Vergelijk: De meeste dekens hebben een maximum buikomvang. Voor maat 145 is dit vaak rond de 140-150 cm. Voor maat 155 is dit vaak rond de 150-160 cm. Zit je paard hier net boven? Dan is een deken met extra brede buikflappen of een verlengstuk (extender) nodig.
Tijdsindicatie: De meting van de buik is vaak het lastigst omdat je paard hier gevoelig kan zijn. Neem de tijd, blijf rustig praten.
Als je paard het niet prettig vindt, probeer het dan op een ander moment opnieuw, bijvoorbeeld na het afkoelen na een intensieve training.
Een paard dat zijn buik optrekt, geeft een onbetrouwbare meting.
Stap 4: De beenlengte (optioneel maar handig)
Deze meting is niet voor alle dekens nodig, maar wel handig om te hebben. Vooral voor dekenmodellen die verder doorlopen over de billen (zoals 'standard' of 'full neck' dekens) is het goed om te weten hoe lang de benen zijn. Dit voorkomt dat de deken te ver naar beneden hangt en het paard in de knieën belemmert.
Praktische toepassing: Als je een paard hebt met korte benen (denk aan een shetlander of een Fjord) of een paard met lange benen (een KWPN-er), helpt deze meting om te bepalen of je een 'pony', 'cob' of 'full' model nodig hebt.
- Vind het midden van de schoft: Leg je hand op de schoft.
- Meet naar beneden: Leg het lint vanaf de schoft, langs de achterkant van het been, naar beneden tot waar jij wilt dat de deken eindigt. Meestal is dit net boven de kogel of de spronggewrichten.
- Hou rekening met de deken: Een winterdeken moet langer zijn dan een zomerdekentje. Je wilt dat de flanken goed bedekt zijn. Een te korte deken waait makkelijker op.
De maat 145/195 is vaak een 'cob' maat. De 155/205 is vaak een 'full' maat.
De 'bom' (buikomvang) verschilt vaak per ras. Een Fjord heeft een andere bouw dan een Arabier.
Stap 5: De keuze maken: 145/195 of 155/205?
Nu je alle maten hebt genoteerd, is het tijd voor de beslissing.
De getallen 145 en 155 verwijzen naar de schoftmaat. De getallen 195 en 205 verwijzen vaak naar de totale lengte (van borst tot staart). De keuze hangt af van je paard en het merk deken.
Merken als Bucas, Rambo, HKM en Eskadron kunnen net iets anders vallen. Laten we uitgaan van een gemiddeld paard (ruin of merrie) met een schoftmaat van 148 cm.
In dat geval is een 145/195 deken vaak te strak. Je wilt altijd iets speling hebben.
Onthoud dit: Een te klein deken is erger dan een iets te groot deken. Een te klein deken schuurt en beperkt de beweging. Een te groot deken kun je vaak met de sluitingen smaller maken.
Een 155/205 deken zal qua lengte misschien iets langer zijn, maar dat kun je vaak met de bilsluiting en de staartflap verstellen. De borstsluiting is bij een 155/205 vaak ruimer. Is je paard een echte 'Bombarier' met een diepe borst en een hangende buik? Dan is de 155/205 waarschijnlijk de beste keuze, zelfs als de schoftmaat net onder de 150 cm ligt.
De extra ruimte in de borst en buik voorkomt drukpunten. Is je paard een smalle, atletische dressuurpaard-bouw? Dan kan de 145/195 met de juige sluitingen perfect passen, zelfs als de schoftmaat net boven de 145 cm uitkomt.
Verificatie-checklist: past het deken echt?
Je hebt het deken besteld en binnen. Nu moet je hem passen.
Dit is het moment van de waarheid. Zet het deken nooit vast en loop meteen weg. Blijf erbij, voel en kijk goed.
- De schoft: Het deken moet soepel over de schoft glijden. Er mag geen druk ontstaan op het schoftbeen. De sluiting moet ruim genoeg zijn om de nek vrij te laten.
- De borst: De borstsluiting mag niet knellen. Zorg dat je nog makkelijk je hand tussen het deken en het paard kunt steken. De klittenbandsluitingen moeten op de middelste stand kunnen.
- De buikflappen: De flappen moeten ver genoeg doorlopen. Ze mogen niet te strak zitten, maar ook niet te los. Ze moeten het paard bedekken tot halverwege de buik. Ze mogen zeker niet in de ellebogen snijden.
- De bilflappen: De bilflappen moeten soepel over de billen vallen. Ze mogen niet te strak zitten, want dan belemmeren ze de beweging. Ze mogen ook niet te ver naar beneden hangen, want dan kan het paard erover struikelen.
- De staartflap: De staartflap moet de staart goed bedekken, maar niet te ver naar beneden hangen. Als je het paard laat stappen, mag de staartflap niet blijven hangen achter de hielen.
- Bewegingstest: Laat het paard een stukje stappen en draven. Kijk of het deken op z'n plek blijft en of het paard soepel beweegt. Let op of het paard gaat jeuken of schuren.
Gebruik deze checklist om te controleren of de maat klopt. Als je twijfelt of het deken echt goed past, schroom dan niet om contact op te nemen met de leverancier.
Een goed passend deken is een investering in het welzijn van je paard. Met deze stappen ben je er zeker van dat je paard, bijvoorbeeld met de maximale warmte van WeatherBeeta, de komende winter comfortabel doorbrengt.