Elandkraakbeen voor paarden: zin of onzin bij gewrichtsproblemen

A
Annemiek van Dijk
Ruiter & Paardenverzorgingsspecialist
Voeding & Supplementen · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Een springpaard dat na een zware training stijf opstapt, een dressuurpaard dat kreupel wordt na die ene moeilijke pirouette: gewrichtsproblemen. Het is een nachtmerrie voor elke ruiter.

In de strijd om het kraakbeen te beschermen en te herstellen, duikt steeds vaker een specifieke naam op: elandkraakbeen. Je ziet het in de rijwinkel, hoort het op de stal en leest het op poten supplementen. Maar is het echt de heilige graal voor soepele benen, of gewoon een slim marketingverhaal?

Laten we het roerend eens zijn: niets is vervelender dan een paard dat niet pijnvrij kan bewegen.

Je wilt het beste voor je maatje, of hij nu in de wei staat of in de hogere dressuur loopt. De markt voor supplementen is enorm en elandkraakbeen lijkt de nieuwste hype. We gaan samen op onderzoek uit.

Wat is het nu écht? En nog belangrijker: werkt het voor jouw paard?

Wat is elandkraakbeen precies?

Stel je even voor: je loopt door de wildernis van Noord-Amerika en ziet een enorme eland. Prachtig beest. In de supplementenwereld gaat het niet om de eland zelf, maar om wat hij eet.

Elanden eten in het wild namelijk specifieke planten die rijk zijn aan bepaalde stoffen. Supplementenmakers halen deze stoffen uit die planten, vaak de zogenaamde 'Devil's Claw' (duivelsklauw), en noemen het vervolgens 'elandkraakbeen'. Het is dus een beetje een slimme marketingnaam voor een plantenextract.

De kern van het verhaal zit 'm in de ontstekingsremmende en pijnstillende eigenschappen.

Waar glucosamine en chondroïtine vooral bouwstoffen zijn voor het kraakbeen zelf, gaat het hier om het kalmeren van de boel. Denk aan een soort natuurlijke ibuprofen, maar dan voor je paard. De werkzame stoffen, vooral harpagoside, remmen ontstekingsstoffen in het lichaam.

Dit is dus direct het grote verschil met de meeste 'gewrichts supplementen'. Die richten zich op beschermen en opbouwen.

Elandkraakbeen (lees: duivelsklauw) richt zich op het bestrijden van bestaande pijn en ontsteking.

Het is dus geen bouwsteen, maar een schild. Dit is een cruciaal onderscheid dat veel ruiters missen als ze een potje kopen.

Hoe werkt het in het paardenlichaam?

Als je paard pijn heeft, maakt zijn lichaam stoffen aan die de ontsteking opwekken.

Dat is een natuurlijke reactie, maar het zorgt voor warme, gezwollen gewrichten en pijn. De werkzame stoffen in elandkraakbeen grijpen aan op die cyclus.

Ze remmen de aanmaak van prostaglandinen af, de boosdoeners achter de pijn en zwelling. Je paard voelt zich dus letterlijk beter. Waar je wel rekening mee moet houden, is de werkingsduur. Een pilletje geven en twee uur later is het paard pijnvrij?

Zo werkt het helaas niet. De stoffen moeten zich opstapelen in het lichaam.

Meestal duurt het 2 tot 4 weken voordat je echt verschil ziet. Je zult dus consistent moeten zijn met het geven. Geen dag overslaan, net zoals je rijdt.

Een belangrijk detail: het is geen vervanging van de DA. Als je paard kreupel is of kampt met een zink en koper tekort, is dat een belangrijk signaal.

Elandkraakbeen kan de pijn wegnemen, maar het lost de oorzaak niet op.

Je paard kan zich daardoor te goed voelen en te hard werken, waardoor de schade juist erger wordt. Zie het dus als ondersteuning, niet als magische oplossing die de da omzeilt.

Wanneer zet je het in en voor wie?

Elandkraakbeen is ideaal voor paarden met chronische klachten. Denk aan de oudere sportpaarden die na een nacht stilstand wat stijf opstaan. Of de paarden met artrose of slijtage aan de gewrichten.

Door de pijnstilling kunnen ze soepeler bewegen en blijven ze makkelijker in beweging.

En beweging is cruciaal voor het onderhoud van spieren en gewrichten. Naast gerichte preventieve gewrichtsbescherming bij springpaarden kan dit ook voor paarden met een beresterke reactie na een vaccinatie of een verrekking verlichting geven.

Je ziet het ook veel bij paarden die net een zware wedstrijd hebben gelopen, om de ergste spierpijn en ontsteking te kalmeren. Denk aan de Longines-springpaarden die na een vijfsterrenconcours weer op stal staan; hun lijf krijgt enorm veel te verduren. Maar let op: geef dit niet zomaar aan een paard dat op stal staat met een open wond of een ernstige infectie.

De ontstekingsremmende werking kan het herstelprocess vertragen. En bij drachtige merries is het ook oppassen geblazen.

Altijd het etiket lezen en bij twijfel je dierenarts bellen. Better safe than sorry.

De markt: soorten en prijzen

De supplementenmarkt is een jungle, dus laten we de kaarten op tafel leggen.

Je hebt de geconcentreerde vormen in poedervorm of vloeibaar. De bekendste merken vind je bij de grotere ruitersportzaken. Een pot poeder van 1 kilo, goed voor ongeveer 30 tot 40 dagen bij een volwassen paard, kost je al snel tussen de €40 en €60.

Merken als Equine America of Puur hebben vaak een 'Devil's Claw' variant. Je hebt het ook in geperste koeken of kauwtabletten.

Deze zijn vaak duurder per dosis, maar makkelijker te geven aan kieskeurige eters.

Een doosje van 60 tabletten kost vaak rond de €35 tot €45. Handig voor onderweg of als je paard moeilijk doet over poeder door het voer. De concentratie van de werkzame stoffen (harpagoside) verschilt enorm per merk, check dit altijd op de verpakking. Let op de 'combinatie-voeders'.

Soms zit er een beetje elandkraakbeen in een all-in-one vitaminekuur. Vaak is de dosis dan te laag om echt effectief te zijn bij bestaande klachten.

Dan geef je eigenlijk geld uit voor niks. Wil je het echt serieus proberen? Kies dan voor een product dat specifiek bedoeld is voor gewrichten en pijnbestrijding en waarvan de dosering helder is.

Praktische tips voor jou op de stal

Het begint bij de aanschaf. Koop niet zomaar het goedkoopste potje bij de bulkwinkel.

Kijk naar het percentage harpagoside. Een goed product bevat minimaal 1% tot 3%.

Als het er niet op staat, is de kans groot dat het 'spul' is. Vraag ook eens rond bij je fokker of bij de manege; vaak weten zij welk merk goed werkt voor specifieke problemen, zoals bij het zoeken naar de juiste slobber voor je paard. De dosering is key.

Volg het schema op de pot strikt op. Geef je een te lage dosis, dan bouwt het zich niet op en heeft het geen zin.

Geef je te veel, dan gooi je geld weg en belast je de nieren onnodig. Weeg het poeder af met een keukenweegschaal, niet met een maatlepel. Die variatie is te groot. Combineer het met beweging.

Een supplement werkt het beste in combinatie met een passend bewegingspatroon. Blijf je paard longeren of afwisselend berijden.

Door de pijnstilling voelt hij zich beter, maar de spieren en gewrichten moeten wel blijven werken om soepel te blijven. Zorg ook voor een goed bodemcontact in de stal en weide. Probeer het eens uit en observeer.

Geef het 4 weken lang elke dag en kijk of je verschil ziet. Wordt hij losser in de draf?

Gaat hij makkelijker de bocht om? Blijft hij langer door stappen in de wei? Als je na een maand niets merkt, heeft het waarschijnlijk geen zin om door te gaan. Soms is het een kwestie van uitproberen wat werkt voor jouw specifieke paard.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Voeding & Supplementen
Ga naar overzicht →
A
Over Annemiek van Dijk

Annemiek is professioneel ruiter en paardenverzorgingsspecialist met 18 jaar ervaring. Ze heeft op meerdere maneges gewerkt en adviseert over voeding, training, uitrusting en stalling.

Op de hoogte blijven?
Ontvang praktische tips en reviews. Geen spam.
Geen spam. Je gegevens worden niet gedeeld.